0 Winkelmand
Inhoud winkelmand
Totaal: € 0,00
Bestel nog voor € 20,00 en profiteer van gratis verzending!
Bestellen

Godsdienstonderwijs is niet verplicht

11 september 2017
Godsdienstonderwijs is niet verplicht

Godsdienst is geen verplicht vak op de basisschool. Toch neemt religie een belangrijke rol in het onderwijs in. Neem alleen al het gegeven dat we in Nederland naast openbare scholen ook christelijke en islamtische scholen hebben. Maar ook op een openbare school leert je kind over religies.

Godsdienst is geen verplicht vak op de basisschool. Toch neemt religie een belangrijke rol in het onderwijs in. Neem alleen al het gegeven dat we in Nederland naast openbare scholen ook christelijke en islamitische scholen hebben.

Op religieuze scholen hebben godsdienstlessen uiteraard een vaste plek in het lesprogramma, maar dat wil niet zeggen dat godsdienst in het openbaar onderwijs niet aan de orde komt.


Inzicht in wereldreligies 

Elke basisschool heeft als wetteljk taak de leerlingen inzicht te geven in de grote wereldreligies, de belangrijkste opvattingen van de verschillende geloven en de gebruiken en feestelijkheden die erbij horen. Die kennis is immers nodig om onze maatschappij te kunnen begrijpen.
 
Openbare scholen benaderen religie op een zo neutraal mogelijke manier. Op een christelijke of islamtische school krijgt je kind ook met een meer gekleurde invulling van 'geloven' te maken.


Christelijke scholen

Zingen, bidden, kennismaken met verhalen uit de bijbel en praten over het geloof behoren van groep 1 tot en met groep 8 tot het normale schoolritme. Soms wordt dit vooraf gecombineerd met een vertelkring, omdat de kinderen dan toch al in de kring zitten. Het is dus ook een sociale activiteit.
 
Als je als ouders een christelijke identiteit hebt, zul je waarschijnlijk bewust kiezen voor een school met dezelfde identiteit. Gemiddeld genomen wordt er op christelijke scholen zo’n 20 minuten per dag besteed aan godsdienst. 
 
De kinderen zingen de godsdienstige liedjes dagelijks. Waarschijnlijk zal je kind de aangeleerde liedjes ook thuis ten gehore brengen. Ook kun je er op rekenen dat je kind vragen kan stellen over het geloof en vaak wordt er vanuit school gestimuleerd om (af en toe) naar de kerk te gaan.
 
Oudere kinderen krijgen op school vaak liederen aangeleerd die zijn opgesteld volgens een vast liedrooster. De liederen op school komen bijvoorbeeld overeen met de liederen die in de kerk worden gezongen. Bij jongere kinderen is de liedkeuze wat vrijer. Veel moderne liedjes zijn terug te vinden op youtube. Zo leer je ze zelf ook gemakkelijk aan.


Niet gelovig, wel naar een christelijke school? 

Op de ene christelijke school neemt godsdienstles een centralere plek in dan op de andere. Veel christelijke scholen hebben een zeer diverse leerlingenpopulatie (van streng gelovig, tot ongelovig of islamitisch) en houden hier rekening mee in de manier waarop ze met het geloof omgaan.
 
Ook als je zelf niet actief een geloof aanhangt, kun je je kind dus wel aanmelden bij een religieuze school. Maar het is belangrijk dat je je ervan bewust bent dat je kind dagelijks in aanraking komt met de religieuze identiteit van de school en die ervaringen ook mee naar huis zal nemen. Het bestuur van een christelijke school kan je kind verplichten de godsdienstlessen te volgen of mee te doen met binnen, ook al is je kind niet gelovig.


Levensbeschouwing

Sinds 1985 zijn alle basisscholen in Nederland verplicht om onderwijs te geven in geestelijke stromingen. Kinderen maken op een zo objectief mogelijke wijze kennis met verschillen en overeenkomsten tussen de belangrijkste godsdiensten en levensbeschouwingen in de Nederlandse samenleving. De gedachte hierachter is dat meer kennis bijdraagt aan meer wederzijds begrip.
 
Dit betekent dat ook op openbare scholen het onderwerp godsdienst kan worden behandeld. Dit gebeurt dan vaak in de vorm van levensbeschouwing. Hiermee wordt letterlijk ‘visie op het leven’ bedoeld. Bij veel mensen ontstaat deze visie onder invloed van een religieuze stroming. Vandaar dat ‘godsdienst’ binnen dit vakgebied een rol speelt. Ook filosofische vragen als  ‘is er leven na de dood’, of ‘waarom is er zoveel lijden in de wereld’, kunnen binnen deze lessen behandeld worden.


Speciale godsdienstlessen op een openbare school

Daarnaast hebben ook kinderen op een openbare school het recht om (op vrijwillige basis) godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs te volgen. De meeste openbare basisscholen kiezen ervoor deze lessen aan te bieden in groep 7 en 8.
 
Er zijn twee varianten: godsdienstig vormingsonderwijs (gvo: protestants-christelijk, katholiek, islamitisch, hindoeïstisch) en humanistisch vormingsonderwijs (hvo). Of de lessen worden aangeboden, hangt wel af van de beschikbaarheid van leraren.
 
Bij de reguliere lessen over religie kiest een openbare school een neutrale opstelling. Bij de speciale godsdienstlessen ligt dat anders. Inhoudelijk heeft de school namelijk geen bemoeienis met de lessen.

De wettelijke regeling voorziet in een strikte scheiding van verantwoordelijkheden: de school is alleen verantwoordelijk voor de beschikbaarheid van lesruimte en lesuren; een religieuze of levensbeschouwelijke organisatie is verantwoordelijk voor de lessen en levert een docent.

Het staat deze vakdocent vrij om in de lessen actief zijn of haar eigen levensovertuiging uit te dragen. Vaak gebeurt dit ook. Over het algemeen overigens niet met als doel zieltjes te winnen, maar om de kinderen een beeld te geven van hoe de docent het geloof ervaart.

Wil je meer weten over gvo- en hvo-lessen? Zie www.gvoenhvo.nl

0 reacties

Reageer

Reageer op dit artikel

  • Maximaal 1000 tekens
Uw reactie is ontvangen. Deze zal op de site getoond worden nadat deze is goedgekeurd door de webmaster.
Het verwerken van uw reactie is mislukt, probeer het nogmaals.